Ik was nog maar net uitgestapt toen op mijn schouder werd geklopt. Ik draaide mij om en zag daar een klein vrouwtje met een enorme camera om haar nek, ik schatte zo in dat ze uit China kwam. Op korte afstand stond een hele groep van haar landgenoten (ze zijn nooit alleen ;-) afwachtend naar mij te kijken. "Can I sit inside to take picture?", vroeg het kleine vrouwtje, "it's so cool!" Dat mocht natuurlijk niet, want als ik het haar zou toestaan moest het hele reisgezelschap natuurlijk ook proberen. "To take picture!".
![]() |
| "So cool....!" ( Origineel via Flickr) |
Vijf kilometer verder, midden op de fraaie zandverstuivingen, stopte ik alweer. Ik wilde op een rustige plek de meegenomen banaan op te eten. Dat doe ik liever niet met half China erbij. Terwijl ik die banaan rustig wegwerkte kreeg ik ineens een dieper inzicht. Dit soort interacties met de gewone man langs de weg had ik eigenlijk het afgelopen jaar véél te weinig. Als forens mengde ik mij noodgedwongen onder de gewone fietsers maar sinds meer dan een jaar fietst ik meestal ruim buiten de spits en kom ik zelden andere fietsers tegen. En eerlijk is eerlijk, ik vermijd ze ook wel een beetje. Door mijn optreden voor Chinees publiek realiseerde ik mij dat dit soort contacten toch een beetje de krenten in de pap zijn. De "banaaaaan!!!" joelende kinderen, de big smile van de dames als je met je viriele trapautootje voorbij scheurt, de scholieren die je net als de Chinezen 'retecool' vinden...
Moraal van dit verhaal
Ik moet mij toch wat vaker onder de mensen begeven en niet als een in zichzelf gekeerde ligfietsidioot kilometertjes maken. Bovendien...dit soort ontmoetingen leveren gegarandeerd stof op voor een nieuw verhaal met een knipoog op dit blog ;-).

