dinsdag 6 augustus 2019

"Wat bent zie klien, dit joar..."

"Gaan we zo al?", zei Jan, die ongeduldig begon te worden. "Zo meteen zijn de beste plekjes bie de Oerdiek weer weg."  De hele groep zat in de achtertuin bij Joris nog heel ontspannen aan een biertje of wat. In de aanloop naar hét hoogtepunt van de Lettelese kermis hoorde een bescheiden indrinksessie er elk jaar bij. "Het schijnt dit jaar weer groter te zijn dan vorig jaar, ook de wagens", zei Tina, de dochter van restauranteigenaar Spikker. De Spikkers waren over het algemeen zeer goed geïnformeerd, logisch als hoofdsponsor van het bier.

Toen moest José eerst nog naar de wc en duurde toch het nog een eeuwigheid voor iedereen eindelijk op weg was naar de de kruising Oerdijk - Bathmenseweg. Dé vast stek van deze Lettelese vriendengroep. Daar aangekomen was het al aardig druk. Bijna alle ruim 600 inwoners van dit Overijsselse dorpje stonden of zaten langs de Bathmenseweg waar het allemaal zou gaan gebeuren. Er hing een sfeer van vrolijke spanning in de lucht. Wat 'ze' dit jaar allemaal wel bedacht zouden hebben? Het was een mooie Lettelese traditie dat de bouwers van de wagens en andere optochtonderdelen dat zéér geheim hielden. Éen ding was zeker, vanaf de wagen van kruidenier  'Lekker Makkelijk Lipholt' zou weer flink met bier gegooid gaan worden. De leden van onze vriendengroep hadden dan ook allemaal oude kleren aangetrokken.

Maar voorlopig zat iedereen heerlijk van het fraaie zomerweer te genieten. Tot Joris, de vriend van Tina, zei: "Volgens mij hoor ik wat kom'n...."  Nog geen vijf seconden later verschenen inderdaad de eerste wagentjes om de bocht. Iedereen viel stil. "Wat bent zie klien, dit joar...", zei José. "Wel mooie kleur'n", voegde Tina daar nog wat verbaasd aan toe.

Het was een hele sliert van kniehoge wagentjes in allerlei kleuren, en er reden ook nog een soort bijzondere fietsen bij. Er klaterde een bescheiden maar wat onzeker applausje op uit de rijen wachtende Lettelenaren. Dit  was anders, maar toch wel leuk. Het gezelschap in de voertuigjes wuifde en toeterde vriendelijk. Ze hadden er duidelijk zin in. En voor José, Peter, Tina, Jan en alle anderen van de schrik bekomen waren, was de hele sliert al om de volgende bocht verdwenen.

"Doe mij nog maar een pilsje", zei Jan, "daar ben ik nu wel aan toe. Ik hoop niet dat ze dit elk jaar zo organiseren...."





Al meer dan 100 jaar wordt er in Lettele kermis gevierd. Hoogtepunt van dit feestweekend is toch wel de jaarlijks terugkerende optocht op de zondagmiddag. Een optocht van verklede loopgroepen, versierde fietsen en skelters tot grote wagens.  LOL fietste afgelopen zondag in deze regio en passeerde (waarschijnlijk) net voor de optocht het centrum van Lettele.











zondag 21 juli 2019

Een verhaal met een staartje

Onze Lieve Heer heeft vreemde kostgangers. Nee, ik heb het dan niet over de hier voor de hand liggende ;-) ligfietsers. Alhoewel de hoofdpersoon van dit verhaal op een hele vreemde manier wel iets met ligfietsen van doen heeft.

vreemde kostganger in de Strada garage  

Onze hoofdpersoon, laten we hem D. noemen, woonde  met een hele groep soortgenoten (geen ligfietsers dus) ergens in de buurt van Huize Mooi Geel. Het was een heel hecht clubje waar verrassend vaak en veel nieuwe broertjes, zusjes en neefjes en nichtjes bijkwamen. Die moesten natuurlijk allemaal eten. Alhoewel een muizenpootje snel gevuld is betekende dit dat er D. en z'n maatjes regelmatig strooptochten hielden in de wijde omtrek.

Zo was het groepje waarvan D. deel uit maakte al vaker in die garage geweest waar zo'n soort klein geel soort autootje stond. Niet gevaarlijk, want het stond daar dus altijd stil. Ze hadden daar in één van de tassen al eens een heerlijk Appelkaneel Sultana soldaat gemaakt. Toen was het ze voor het eerst opgevallen dat D. toch wel wat vreemd gedrag vertoonde. Terwijl de rest de snorharen zat af te likken bij al die heerlijke Appelkaneel Sultanakruimels zat D. met een glazige blik de plastic verpakking naar binnen te werken. "Stop idioot. dat kun je niet eten", had Piet de leider van de groep nog gezegd. Toen had nog niemand het door.

Het liep dus helemaal uit de hand. Zeker toen ze weer eens in die garage met het gele autootje waren. Op zoek naar overheerlijke Appelkaneel Sultanakruimels. Die waren er dus niet en iedereen stond al op het punt weg te gaan tot Piet merkte dat D. nog in dat gele ding zat. Ze gingen terug en vonden hem, knabbelend aan een plastic zak en likkend aan de zwarte rubber slang die daar in zat. 'SCHWALBE SV13 26"' stond erop en het zag er niet goed uit. Met veel moeite hebben ze D. daar toen weg gekregen en niet veel langer daarna is ie opgenomen in een mooi rustig muizennest ergens midden op een uitgestorven zandverstuiving diep op de Veluwe.

Die geur van dat zwarte rubber.....hoe kun je dat weerstaan

Op een dag merkte ik dat muizen een vergeten pakje Appelkaneel Sultana's in de Strada hadden ontdekt. Ik ruimde de resten op en stofzuigde de hele fiets. "Mooi daar ben ik vanaf", dacht ik toen. Tot ik een week of wat later onmiskenbare muizensporen ontdekte op de verpakkingen met reserve binnenbanden.
 

Dit verhaal kreeg een staartje. De binnenbanden zelf bleken weliswaar niet aangevreten maar bij een volgende opruim- schoonmaakbeurt ontdekte ik dat muizen een flink stuk uit mijn Ventisit vloermat hadden gegeten. D. had een waardige opvolger gekregen ;-).

Wie heeft er ook al eens vreemde kostgangers in z'n fiets gehad?